Meer dan 100 deelnemers hebben zich op het IAMM-event over 3D metaalprinten laten informeren over de nieuwe trends en de resultaten die een aantal bedrijven uit de Nederlandse maakindustrie heeft geboekt met additive manufacturing. Vanuit zowel de AM-industrie alsook de kennisinstellingen in het IAMM-consortium werden ze bijgepraat over onderzoeksresultaten.
“We hebben een topdag gehad”, ze zegt Margie Topp, lector aan Hogeschool Windesheim over de IAMM-dag bij Perron038 in Zwolle. Windesheim vormt samen met Saxion en Fontys de kennisgroep in het IAMM-consortium (Industrial Additive Manufacturing in Metals), ondersteund door de universiteiten van Enschede en Delft, een aantal bedrijven en kennis- en netwerkorganisaties. De partijen doen samen met de industrie praktijkgericht onderzoek naar 3D metaalprinten.
Aantal bedrijven geeft aan te willen beginnen met metaalprinten

Positieve reacties
Margie Topp is dik tevreden met de meer dan 100 deelnemers en vooral de reacties op de dag bij Perron038, dat voor de praktische organisatie tekende. “We hebben enorm positieve reacties gehad. En ruim honderd deelnemers is heel bemoedigend voor een niche binnen een niche.” Onder de deelnemers waren veel partijen voor wie metaalprinten nog onontgonnen terrein is. Een aantal heeft tijdens de dag duidelijk aangegeven er wel mee te willen beginnen. Degenen die nog niet overtuigd zijn, zeggen vooral bedenkingen te hebben over de kosten. Verschillende bedrijven hebben direct aangegeven gebruik te willen maken van de mogelijkheid om een bedrijfsonderzoeker vanuit IAMM binnen te halen (zie kader).
Het IAMM consortium biedt bedrijven de kans om één dag in de week een bedrijfsonderzoeker naar een van de drie hogescholen (Windesheim, Saxion, Fontys) te sturen. Daar gaan ze onder begeleiding van een onderzoeker van de hogeschool op basis van een case uit het eigen bedrijf het vak metaalprinten leren. Het is geen cursus, maar een echt onderzoek waarbij kosteloos gebruik gemaakt kan worden van de software/hardware/faciliteiten van de hogescholen en waarbij het bedrijf lid wordt van het consortium en eigen tijd investeert. De hogescholen bekostigen dit uit de SIA gelden (SPRONG IAMM, het nationaal regieorgaan praktijkgericht onderzoek SIA).
Vier verschillende metaalprinttechnieken

Na de kick-off door Tommie Stobbe, onderzoeker bij het lectoraat van Windesheim, werden de vier metaalprinttechnieken die bij Perron038 beschikbaar zijn toegelicht. Carl Corten (Spee3D) gaf een inleiding over Coldspray; Tommy Stobbe over laser powderbed fusion; Jaap Bulsink (K3D) over wire LMD en Pierre Freneau (MX3D) over WAAM. ’s Middags waren er twee blokken met parallelsessies, één voor engineers, één voor het management van de maakbedrijven. De lezingen waren er vooral op gericht engineers een beeld te schetsen van de kansen van AM maar ook de aandachtspunten in de praktijk. In het eerste blok presenteerde onder andere Arno Gramsma (Mikrocentrum) een visie op kwaliteitsmanagement voor AM.
Waarom nog wachten met metaalprinten?
Managementblok
In het blok voor het management ging Ronny Blaauwgeer van Aeronamic in op de kansen en mogelijkheden van ketenintegratie door additive manufacturing. Hans Ruijs, senior engineer bij MOBA, wist deelnemers te overtuigen met zijn presentatie die als titel had ‘Je moet het ijzer smeden als het heet is, waarom wachten met metaalprinten?’ Verder waren er bijdragen van TUDelft, UTwente, Materialise, NLR, TechForFuture en van Windesheim, Saxion en Fontys. De deelnemers konden de praktijk ervaring bij de verschillende AM-opstellingen van Perron038.





